Achtergrondverhalen

De interactie moet terug

De kracht van de journalistiek is de wereld verklaren. Toch blijkt dit niet altijd zo makkelijk. De afgelopen jaren zijn er fouten gemaakt waardoor veel mensen het vertrouwen in journalisten verloren hebben. Het is nu de taak van de journalist om het publiek voor zich terug te winnen. 

‘Eerbied voor waarheid en voor het recht van het publiek op de waarheid.’ Dat is de eerste en belangrijkste gedragsregel voor journalisten. Maar door de snelheid waarmee nieuws gepubliceerd moet worden en de commerciële druk nemen ze steeds vaker een vlucht met deze regel. Burgers worden kritischer en de geloofwaardigheid in het journalistieke vak neemt steeds verder af.

Hans Laroes, oud-hoofdredacteur van NOS, meent dat het een langzaam en langdurig proces is. “Voor de tijd van de verzuiling hoorden de kranten en de omroepen nog bij de wereld van kijkers, lezers en luisteraars zelf. Toen namen de burgers nog veel voor waar aan”, meent Laroes. Tijdens de verzuiling was de journalist een van de weinigen die informatie gaf aan de bevolking. “Tegenwoordig zijn ze steeds wantrouwiger en kunnen ze makkelijker commentaar geven via sociale media als Twitter. De journalist is dus niet meer iemand die op een berg staat en met een zeker gezag en autoriteit zijn werk doet”, aldus de voormalig hoofdredacteur van NOS.  Over de laatste vijftien jaar is het percentage van de burgers dat gelooft in de journalistiek gedaald van bijna 70 naar 46 procent. Dat blijkt uit onderzoeken van het onderzoeksinstituut voor communicatiewetenschappen van de Universiteit van Amsterdam (ASCoR) en onderzoeksbureau Ipsos Synovate. Een duidelijke dalende lijn.

Wie begin dit jaar nog naar het televisieprogramma RamBam keek, kon zien dat journalisten lang niet altijd de feiten checken. Verzonnen persberichten werden door verschillende media letterlijk overgenomen en op internet geplaatst, terwijl met een kleine controle gezien kon worden dat het eigenlijk nep was. Onder andere NOS, PowNews, RTL Boulevard en Radio 538 gingen de mist in. En ook kranten als De Telegraaf en Volkskrant maakten de fout. Pas na de geruchten dat het ‘misschien niet klopte’ werden de feiten nagetrokken. Terwijl journalisten weten dat je eerst alles uitgebreid moet controleren voordat je het bekendmaakt. Een kinderlijke fout die een dergelijke krant eigenlijk nooit had mogen maken.

“Feiten en bronnen checken, dat is het belangrijkste dat er is”, zegt onderzoeksjournalist Marcel Metze. Hoe de burger over de journalistiek in het algemeen denkt, kan hij zich minder druk maken. “Zolang je je als journalist aan de regels houdt en altijd je bron vermeldt, word je vanzelf als betrouwbaar ervaren. Doe je dat niet en werk je slordig, dan is het je eigen schuld als niemand je gelooft. En dat gebeurt nog best vaak.” Laroes is het op dat gebied met Metze eens, maar zegt dat dit voornamelijk aan het systeem ligt. Amerikaanse en sommige Engelse kranten hebben namelijk mensen in dienst die er speciaal zijn om feiten te controleren. “Daar is het besef dat het móet kloppen veel groter”, aldus Laroes.

Of dit ook een oplossing is voor Nederland, weet hij echter niet zeker. “Het zou kunnen, maar ik denk dat de kranten er niet aan willen geloven. Ze zullen waarschijnlijk zeggen dat ze er geen mensen voor hebben. Maar er zijn helemaal geen extra werknemers nodig, de huidige manier van werken moet gewoon iets aangepast worden.” De oud-hoofdredacteur van NOS is er wel van overtuigd dat er mogelijkheden zijn om het vertrouwen terug te winnen. Volgens hem moet de journalist het publiek meer vertellen hoe een verhaal tot stand komt, wat hij  heeft meegemaakt en wat hem heeft bewogen om bepaalde dingen wel of juist niet te doen. “Zo krijgt de journalist meer begrip voor zijn eigen werk. Want ze kunnen als geen ander een bepaalde ontwikkeling in een context plaatsen. Daarnaast komen ze op plekken waar veel mensen niet komen en hebben ze de mogelijkheid om uitgebreid research te doen.”

Mediahypes zijn een andere reden dat journalisten het niet zo nauw nemen met de regels. Mediasocioloog Peter Vasterman deed promotieonderzoek naar dit onderwerp. Hij vat het begrip mediahype samen als ‘een mediabrede, snel piekende nieuwsgolf die één gebeurtenis als startpunt heeft.’ Een duidelijk en recent voorbeeld is de situatie rond de gezondheid van prins Friso. Waarbij berichtte NRC verkeerd over de toestand van de prins na zijn skiongeluk. Journalisten denken dat het publiek veel over een bepaald onderwerp wil weten. Maar de lezers vormen hier vervolgens een negatief oordeel over, wat aangeeft dat de journalist toch iets verkeerd doet.

Het lijkt er dan ook op dat de kloof tussen de journalist en zijn publiek steeds wijder wordt. Dat blijkt uit een onderzoek dat Mark Deuze deed onder en naar de Nederlandse journalisten. De hoogleraar Journalistiek en Nieuwe Media aan de Universiteit van Leiden concludeerde dat ze qua opleiding, inkomen, politieke voorkeur en werkvorm ver van het publiek af staan. En dat is volgens hem zorgelijk te noemen. De journalist heeft waarschijnlijk nooit precies geweten wat er onder de burgers speelde, maar kon wel voldoen aan de interesses. Tegenwoordig is dat niet zozeer het geval. De geloofwaardigheid van en het vertrouwen in de hedendaagse journalist wordt op die manier aangetast.

Uit datzelfde onderzoek blijkt dat journalisten denken dat mensen showbizznieuws erg belangrijk vinden. Uit Amerikaanse opiniepeilingen komt echter naar boven dat het publiek hier juist de buik vol van heeft. Deuze denkt dat het niet onwaarschijnlijk is dat dit ook voor Nederland geldt. “We beginnen een beetje moe te worden van al die sterren”, aldus Deuze.

De journalist moet dus weer de aansluiting zien te vinden met zijn publiek. Daarin is de interactie met de lezers erg belangrijk. En het past ook goed in deze tijd, waarin de digitale wereld voor veel mensen onmisbaar is. “De journalist moet praten met en luisteren naar zijn publiek. Dat betekent niet dat hij moet doen wat zij willen, maar hij moet het wel zo brengen dat de lezers hem begrijpen. Hij moet toegankelijk zijn en artikelen zo schrijven dat het een rol speelt in het leven van mensen.” Op deze manier denkt Laroes dat het vertrouwen langzaamaan weer terug kan worden gewonnen.

——————————————————————————————————————————————

Gebruik van Facebook en Twitter bij bedrijven

Waar je ook kijkt, overal zie je mensen druk op hun Smartphone. Twitter, Facebook, noem maar op. De sociale media zijn een grote hype. Maar hoe gaan de bedrijven hiermee om?

Door Kimberly Kuipers

Sociale media is tegenwoordig niet meer weg te denken. 7,8 miljoen Nederlanders maken actief gebruik van Facebook of Twitter. Ook veel bedrijven maken van de media gebruik om bijvoorbeeld nieuwe klanten te werven of hun bedrijf te promoten.
Uit wereldwijd onderzoek van Google blijkt dat mensen die gebruik maken van sociale media sneller promoveren. Bedrijven die er gebruik van maken groeien harder. Uit onderzoek blijkt dat 81 procent van de snelgroeiende firma’s gebruik maken van Social Media om de samenwerking te vergemakkelijken en kennis tussen medewerkers uit te wisselen. Ook gebruiken ze het om informatie te vinden, hun netwerk uit te breiden en relaties op te bouwen. Het Enterse bedrijf Roetgerink Mode en Schoenen maakt sinds kort veelvuldig gebruik van Twitter en Facebook. “Wij zien het als een extra medium om met onze klanten in contact te blijven. Via sociale media kunnen wij beter een bepaalde doelgroep bereiken dan met traditionele media, als e-mail, radio en tv,” zegt communicatiemedewerker Kirsten Velnaar.
In Nederland  zit het gebruik van de sociale tools vooral in de Randstad. “In het westen worden ‘hypes’ als Facebook en Twitter sneller opgepakt, want mensen zijn er daar gevoeliger voor. In bijvoorbeeld de Achterhoek is het niet zo noodzakelijk om als bedrijf gebruik te maken van al deze nieuwe technologieën, omdat de contacten nog veel persoonlijker zijn. Mensen kennen elkaar daar vaak via via”, legt Egbert Jan van Bel, schrijver van onder meer ‘Kloteklanten’, uit.
Daarnaast noemt Van Bel ook nog drie manieren waarop je sociale media het beste in kunt zetten: “Als eerste kun je het gebruiken als versterking van andere media, zoals e-mail of een website van je bedrijf. Daarnaast kun je het ook op zichzelf inzetten. Twitter zou je dan kunnen gebruiken voor korte berichtjes, Facebook om vrienden te maken. Nummer drie is sociale media heel specifiek gebruiken. Denk dan bijvoorbeeld aan klantenwerving, het bekender maken van je bedrijf en de verkoopcijfers een beetje opkrikken”. Maar Facebook en  Twitter brengen ook minder leuke dingen met zich mee. Denk dan bijvoorbeeld aan Albert Heijn. Op de netwerken zijn al meerdere keren oproepen gedaan om de supermarktketen te boycotten.

Schrijvers van The Dark Side Of Social Media, Sander Duivestein en Jaap Bloem, weten hier alles van: “Je kunt veel doen met sociale media, maar we hebben ook het onaangename ondervonden. Wie zijn kop boven het maaiveld uitsteekt.. Enfin. De tijd van leuk doen en spelen is nu voorgoed voorbij.”
Margreet Van Buren, communicatie-medewerker bij Van Buren is zich ook zeker bewust van de nadelen: “Er is onlangs veel in het nieuws geweest over de negatieve aspecten van Facebook en Twitter, maar dit weerhoud ons er niet van om het te gebruiken. Het is prettig om de klanten via deze weg op de hoogte te houden van wat er gebeurt bij ons bedrijf. Wij halen hier dan ook veel voordelen uit.” Maar een keerzijde zit overal aan, moet je maar denken.

Daarnaast is ook zeer belangrijk voor bedrijven. Veel vacatures worden tegen-woordig via sociale media doorgezet en daarna mobiel gelezen. Om het helemaal goed te doen, is een app of mobiele website daarin steeds belangrijker. Maar apps van bedrijven staan niet hoog in de top 10 van het Arbeidsmarkt GedragsOnderzoek. Met uitzondering van LinkedIn zijn er geen arbeidsmarktgerelateerde apps te vinden.
Een ding is zeker. Met social media gaat alle informatie vliegensvlug. Maar of het op deze manier blijft bestaan is nog maar de vraag. Twitter en Facebook zijn nu nog enorm populair. Maar bij Facebook liep de beursgang mis en ook de kritiek op het sociale platform blijft maar groeien. Twitter daarentegen doet het nog wel goed. Uit berekeningen van MediaBistro zal het aantal wereldwijde actieve gebruikers van Twitter eind dit jaar gegroeid zijn van 127 miljoen naar 250 miljoen mensen.